Spirituele Hulplijn

Darwinisme en spiritualiteit

Volgens de Bijbel, maar ook volgens de Koran en de Thora, is de wereld in zes dagen geschapen (Genesis). De mens is onderdeel van de schepping en de mens is in één dag geschapen naar Gods evenbeeld. De vrouw is vervolgens geboren uit een rib van de man (Adam). Overigens klopt dat niet want dat is een vroege vertaalfout. Duizenden jaren na het schrijven van Genesis bracht Darwin tijd door op de Galapagos-eilanden en deed daar ontdekkingen die hem noopten zijn Origin of Species te schrijven. Daarin formuleerde hij dat soorten uit elkaar ontstaan in een opeenvolging die hij evolutie noemde. De kracht achter evolutie is survival of the fittest (de overleving van de meest aangepaste), soms gecombineerd met spontane mutaties. Spontane mutaties overleven echter zelden, dus we moeten het toch hebben van survival of the fittest. De soort die zich het beste weet aan te passen overleeft. En zo evolueren de soorten. En zo komt de mens voort uit de chimpansee: 98% van het DNA hebben mensen en chimpansees gemeen. Belangrijk in zijn theorie is de term selectiedruk. We kunnen kunstmatig sommige eigenschappen bevoordelen en andere benadelen, en zo ontstaan nieuwe soorten. Zo kruisen we specifieke honden en fokken daarmee nieuwe rassen, en hetzelfde doen we met tulpen en zo hebben we nu ook zwarte tulpen. Ook de natuur creëert selectiedruk, reden waarom soorten zich ook op natuurlijke wijze ontwikkelen. En daarmee is de kous af, lijkt het.

Maar is dat zo? Als we goed kijken valt één ding op: soorten passen zich niet alleen aan, ze ontwikkelen zich naar een steeds hoger niveau van specialisatie en complexiteit (hogere trilling). De oudste levensvormen op aarde zijn de ééncelligen, maar nu zijn er al mensen: de homo sapiens. En de mens is wel een heel bijzonder wezen. En dit proces van ontwikkeling gaat gewoon door: wie weet hoe de mens er over honderdduizend jaar uit ziet? Het gaat dus niet alleen om adaptatie (aanpassing) maar om adaptieve ontwikkeling: ontwikkeling via het mechanisme van aanpassing. Maar waar komt de kracht vandaan die leidt tot ontwikkeling? Want aanpassing kan neerwaarts, zijwaarts en opwaarts. En er is geen reden om aan te nemen dat aanpassing altijd opwaarts moet gaan. Maar soorten ontwikkelen zich wel altijd opwaarts. Het principe van alleen aanpassing geeft daarvoor geen sleutel.

Een mogelijke oplossing ligt in de term bezieling: wat niet bezield is, is dood. Dode materie ontwikkelt zich niet, integendeel, dode materie valt steeds verder uit elkaar (streven naar verhoging van de zogenaamde entropie). Maar levende materie is bezield, en deze materie streeft naar steeds verdergaande specialisatie en complexiteit. Wellicht ligt daar de sleutel.

Toen Darwin zijn evolutietheorie schreef wist hij niet dat de mens (net als alle levende materie) bezield is. Dat weten we nu wel via bijna-dood-ervaringen, regressie, kinderherinneringen, etc. Het is de bezielde materie die in contact staat met God. En via dit contact ontwikkelen de soorten zich. De waarheid is dus niet creatonisme, maar ook niet Darwinisme, de waarheid ligt er tussen in: bezielde aanpassing. In Amerika gebruikt men de term: Intelligent Design.

Copyright: www.de-spirituele-hulplijn.nl

Contact | Disclaimer |   ©2006 De-Spirituele-Hulplijn.nl   |   Developed byFirstFocus bv  | Content Management System | iDeal implementatie |